Direct naar de content
Dit artikel wordt u aangeboden door BlackRock
De redactie van Pensioen Pro draagt voor deze inhoud geen verantwoordelijkheid.

Echt natuurherstel vereist forse investeringen en nauwe samenwerking

Cherry Muijsson

Natuurbescherming en herstel staan voor steeds meer institutionele beleggers op de agenda als financieel vraagstuk. “Wie biodiversiteit nog bestempelt als hype, loopt achter de feiten aan”, stelt Cherry Muijsson, director Multi Asset Strategies and Solutions bij BlackRock. “Voor pensioenfondsen draait het om risico, continuïteit en langetermijnwaarde.”

“En die langetermijnwaarde is in sommige gevallen met de natuur verweven”, weet Muijsson. Want: Economische activiteit van verschillende bedrijven kan leunen op water, vruchtbare grond en stabiele ecosystemen. Wie die grondslag verwaarloost, ondergraaft ook het financieel rendement. Berekeningen van de Wereldbank tonen al langer aan dat aantasting van natuurlijke hulpbronnen kan leiden tot aanzienlijke economische schade”.

Voor beleggers met een horizon van meerdere decennia is de kwaliteit en de houdbaarheid van het natuurlijke kapitaal waarop economische activiteit rust een steeds belangrijker thema. Aanhoudende uitputting van waterbronnen, bodemkwaliteit of verlies van biodiversiteit kan zich vertalen in lagere productiviteit, hogere kosten en druk op kredietwaardigheid. “Wat vandaag nog als milieuvraagstuk wordt bestempeld, kan zich morgen doorwerken in waardeverlies als het een impact heeft op je verdienmodel.”

Steeds meer langetermijnbeleggers in Nederland en daarbuiten willen niet alleen risico’s van natuurverlies beheren, maar ook natuurherstel actief bevorderen met impactbeleggingen. Dat kan bijvoorbeeld door het thema natuur en biodiversiteit op te nemen in het beleggingsbeleid, en door het alloceren van kapitaal naar oplossingen die de druk op de natuur verminderen of direct natuurherstel bevorderen, zoals nature-based solutions. Het is echter lastig om belegbare projecten te vinden wanneer bedrijven hun afhankelijkheden van de natuur niet inschatten en daardoor geen vraag hebben naar natuurherstel terwijl dit mogelijk hun verdienmodel juist kan beschermen.

Impactbeleggen vraagt om duidelijke kaders waarin middelen, activiteiten en resultaten aantoonbaar samenhangen.

Muijsson geeft biodiversiteit daarom bij BlackRock een plek binnen het financieel risicobeheer. “Als fiduciair vermogensbeheerder zijn wij verantwoordelijk voor de langetermijnwaardecreatie voor onze klanten. Dat betekent dat wij inschatten in hoeverre bedrijven afhankelijk zijn van natuurlijke hulpbronnen en wat dat betekent voor kasstromen, marges en balansverhoudingen.” BlackRock gebruikt sectoronderzoek en instrumenten zoals ENCORE om die afhankelijkheid en de druk op ecosystemen zichtbaar te maken. Met als doel vast te stellen waar in portefeuilles risico’s kunnen oplopen.

“Wij willen weten welke activiteiten gevoelig zijn voor watertekorten, bodemuitputting of aantasting van leefgebieden”, zegt Muijsson. “In sectoren als landbouw, mijnbouw, industrie en infrastructuur werken zulke ontwikkelingen rechtstreeks door in productie, vergunningen en kosten. ”Water is een goed voorbeeld want de beschikbaarheid daarvan is plaatsgebonden en meetbaar”, aldus Muijsson. “In gebieden met waterschaarste leidt dat tekort tot hogere kosten of beperkingen in productie. Dat raakt de winstgevendheid van grootverbruikers.”

Biodiversiteit laat zich niet reduceren tot één indicator. “Het gaat om veranderingen in landgebruik, vervuiling, uitputting van natuurlijke hulpbronnen en verstoring van leefgebieden”, zegt Muijsson. “Daarom kijken wij per sector welke factoren doorslaggevend zijn en waar de afhankelijkheid het grootst is.”

De analyse beperkt zich niet tot nieuwe beleggingen. Ook bestaande portefeuilles worden continu doorgelicht. “Binnen ons bredere risicobeheer brengen we in kaart waar de afhankelijkheid van natuurlijke hulpbronnen een rol speelt en waar risico’s toenemen”, aldus Muijsson. “Dat kan gaan om ontbossingsgevoelige ketens, waterintensieve productie of kwetsbare bodemstructuren.”

BlackRock gaat om de tafel met bestuurders en toezichthouders betreft risicobeheer en kapitaalkeuzes. “Wij kijken hoe natuurrisico’s zijn opgenomen in het risicokader. Worden afhankelijkheden in de keten gevolgd? Wordt er geïnvesteerd in beperking van schade en herstel?” Biodiversiteit maakt immers deel uit van het bredere risicokader. Rapportage volgens het TNFD-raamwerk helpt om natuurgerelateerde risico’s systematisch te verzamelen en te vergelijken. “Dit maakt het mogelijk om ondernemingen te beoordelen en ontwikkelingen te volgen”, stelt Muijsson.

Voor pensioenfondsen draait het om risico, continuïteit en langetermijnwaarde. Die laatste is sommige gevallen met de natuur verweven.

In toenemende mate worden bedrijven via regelgeving gedwongen en aangemoedigd biodiversiteitsrisico’s mee te wegen. In het Verenigd Koninkrijk moeten projectontwikkelaars bijvoorbeeld wettelijk aantonen dat een nieuwbouw leidt tot minimaal 10% netto toename van biodiversiteit, gemeten in een zogeheten ”Biodiversity Net Gain”. Lukt dat niet volledig op eigen terrein, dan moeten zij die toename elders realiseren of aankopen. “Zo wordt natuur onderdeel van het economische verkeer”, aldus Muijsson. “Voor beleggers betekent dat nieuwe verplichtingen, maar ook nieuwe investeringskansen. ”Engeland loopt hierin voorop, maar de verwachting is dat meer landen in Europa zullen volgen, mede dankzij de Europese natuurherstelverordening. De wetgeving, aangenomen in 2024, is bedoeld om tegen 2030 minimaal 20% van de aangetaste ecosystemen op land en zee binnen de EU te herstellen.Daarbij horen ook nieuwe marktinstrumenten, zoals nature credits, die natuur belegbaar kunnen maken.

Daarnaast vraagt investeren in natuur om enige realiteitszin. “Biodiversiteitsherstel  staat nog in de kinderschoenen en duurt vaak tientallen jaren. Echt herstel en vraagt om enorme investeringen en om goede samenwerking tussen publieke en private partijen. Er wordt gesproken over de jaarlijkse “biodiversity funding gap” van 1 biljoen dollar.”

Volgens Muijsson vraagt beleggen in biodiversiteit daarom om een heldere onderbouwing. “Wij wijzen niet zomaar kapitaal toe, maar kijken ook heel goed naar het verband tussen middelen, activiteiten, resultaten en uiteindelijke impact. Elke impactstrategie doorloopt vaste stappen zodat een belegging onderdeel wordt van een logisch en toetsbaar geheel. Klanten zien niet alleen welk doel wordt nagestreefd, maar ook hoe hun investeringen daaraan bijdragen. Deze analyse valt binnen strak gedefinieerde kaders. Vervolgens bepalen we de beoogde resultaten, welke activiteiten en beleggingen dat mogelijk maken en welke middelen daarvoor worden ingezet. Zo verbinden wij kapitaal aan concrete indicatoren en meetbare voortgang.”

“Impact moet immers aantoonbaar zijn”, vervolgt Muijsson. “Door vooraf vast te leggen wat wij willen bereiken en hoe wij dat meten, kunnen wij richting onze klanten inzichtelijk maken welke voortgang wordt geboekt en waar bijsturing nodig is.”

Een aanzienlijk deel van herstelprojecten bevindt zich in opkomende economieën, waar belangrijke natuurlijke hulpbronnen onder druk staan en financieringsstructuren minder ontwikkeld zijn. “Hier ligt een rol voor beleggers die bereid zijn onder passende voorwaarden financiering te verstrekken”, zegt Muijsson. “Bijvoorbeeld door bij te dragen aan kennisoverdracht of technische ondersteuning.”

Samenwerking met multilaterale ontwikkelingsbanken speelt daarbij een rol. Publieke en private middelen worden gecombineerd om risico’s te verdelen en projecten mogelijk te maken. “Door risico’s te delen, worden projecten financierbaar en kan vervolgkapitaal worden gevonden”, aldus Muijsson.

Wie inzet op natuur- en landbouwtechnologie komt vaak uit bij jonge ondernemingen met een hoger risicoprofiel. “Dat vraagt om een andere risicoweging en om spreiding binnen de portefeuille”, zegt Muijsson. De strategie kent twee sporen. “In bestaande portefeuilles worden natuurrisico’s onderkend en beperkt. Daarnaast wordt kapitaal gericht ingezet voor herstel van de biodiversiteit en doelmatiger gebruik van natuurlijke hulpbronnen waar financiering daarvoor ontbreekt.”

“Voor pensioenfondsen gaat het immers om verplichtingen over meerdere generaties”, besluit Muijsson. “Wie waardecreatie op lange termijn nastreeft, moet voorkomen dat de grondslag onder die waarde wegspoelt.”

Cherry Muijsson

Cherry Muijsson is Chief Investment Officer in BlackRock’s Fiduciaire team voor pensioenfondsen in Engeland, Nederland, en de Nordics. Ze is verantwoordelijk voor portefeuilleconstructie, assetallocatie, en onderzoek naar nieuwe belegbare oplossingen. Daarnaast leidt ze BlackRock’s casus voor natuur en biodiversiteit en werkt nauw samen met pensioenfondsen in Nederland om risico’s en kansen in kaart te brengen. Ze is gepromoveerd aan de Universiteit van Cambridge in Financiële Macroeconomie en haar werk is gepubliceerd in internationale bladen.

Risicowaarschuwingen

Beleggingsrisico. De waarde van beleggingen en de opgebrachte inkomsten kunnen zowel dalen als stijgen. Het is mogelijk dat beleggers hun oorspronkelijke inleg niet terugontvangen.

Dit is een marketinguiting.

Dit materiaal is alleen bestemd voor professionele beleggers (volgens de definitie van de AFM en de MiFID-richtlijn). Andere personen dienen niet op de hier geboden informatie te vertrouwen.

Uitgegeven door BlackRock (Netherlands) B.V., dat een vergunning heeft verkregen en onder toezicht staat van de Nederlandse Autoriteit Financiële Markten (AFM). Officiële zetel: Amstelplein 1, 1096 HA, Amsterdam, tel: 020 – 549 5200 /+31 20 549 5200. Ingeschreven in het handelsregister onder nr. 17068311.

© 2026 BlackRock, Inc. Alle rechten voorbehouden.

MKTG0226-5220818-EXP0227