Europa’s elektrificatieambitie vraagt om een infrastructuurrevolutie

Uitsluitend voor professionele cliënten. Beleggen kent risico’s.
Europa’s plannen om het eerste “elektrocontinent” ter wereld te worden zijn ambitieus en prijzenswaardig, maar zullen niet worden verwezenlijkt zonder investeringen in kritieke infrastructuur.
Europa heeft zichzelf een ambitieus doel gesteld. In juli presenteerde de Europese Commissie haar visie om van Europa het eerste “elektrisch aangedreven” continent ter wereld te maken, met als doel elektrificatie te verhogen van ongeveer 23% van het huidige energieverbruik naar 46% in 2040.
Het plan is gebaseerd op een eenvoudige gedachte: het vervangen van het gebruik van fossiele brandstoffen in transport, gebouwen en industrie door schone elektriciteit kan, ‘energiezekerheid‘ versterken, decarbonisatie ondersteunen en de blootstelling van het continent aan volatiele import van fossiele brandstoffen verminderen.
De ambitie is bewonderenswaardig. Om die te realiseren is echter veel meer nodig dan alleen de uitrol van extra schone energieopwekking. Als Europa serieus werk wil maken van elektrificatie, zijn wij van mening dat het op ongekende schaal moet investeren in de infrastructuur die nodig is om dit te ondersteunen.
Een fundament in infrastructuur
Het gesprek over de energietransitie richt zich vaak op de technologieën op het niveau van verbruik. Elektrische voertuigen, warmtepompen en industriële elektrificatie behoren hierbij tot onderwerpen waar veel over wordt gesproken. Toch zijn deze technologieën slechts zo effectief als de infrastructuur die eraan ten grondslag ligt.
Een economie die draait op elektriciteit vereist moderne netwerken die grotere volumes intermitterende schone energie kunnen verwerken. Zij vereist energieopslagsystemen die flexibiliteit kunnen bieden wanneer de wind niet waait en de zon niet schijnt. Zij vereist transmissienetwerken die energieopwekking verbinden met vraagcentra. En zij vereist digitale infrastructuur die een intelligenter en meer vraaggestuurd energienet mogelijk maakt.
In veel gevallen is deze infrastructuuruitdaging uitgegroeid tot het bepalende knelpunt van de transitie. In heel Europa blijven de wachtrijen voor netaansluitingen groeien. Vergunningsprocedures blijven complex en langdurig. Verouderde netwerken zijn niet ontworpen voor een toekomst waarin miljoenen voertuigen, woningen en bedrijven tegelijkertijd elektriciteit afnemen uit steeds meer gedecentraliseerde bronnen.
De omvang van de benodigde investeringen is aanzienlijk en de opgave kan ontmoedigend lijken. Tegelijkertijd biedt deze ontwikkeling echter ook goede beleggingsmogelijkheden.
Meeliften op structurele rugwind
Belangrijk is dat de drijvende krachten achter de vereiste investeringen in infrastructuur die elektrificatie mogelijk maakt, niet cyclisch zijn. Ze zijn juist structureel en zullen waarschijnlijk decennialang bepalend zijn voor kapitaalallocatie.
De eerste drijvende kracht is energiezekerheid. De afgelopen jaren hebben de risico’s blootgelegd die samenhangen met afhankelijkheid van geïmporteerde fossiele brandstoffen. De noodzaak om een veerkrachtiger binnenlands energiesysteem op te bouwen is verschoven van een klimaatdoelstelling naar een economische en geopolitieke noodzaak. Elektrificatie, ondersteund door schone energieopwekking en moderne energie-infrastructuur, biedt een route naar meer onafhankelijkheid.
De tweede is economie. Technologieën voor schone energieopwekking zijn volwassener geworden. Elektrificatietechnologieën hebben steeds vaker het potentieel om overtuigende kostenbesparingen over de levensduur te bieden voor consumenten en bedrijven. Naarmate de adoptie versnelt, zal de vraag naar de benodigde infrastructuur waarschijnlijk meegroeien.
De derde structurele rugwind is beleidszekerheid. Overheden in heel Europa hebben zich verbonden aan zowel decarbonisatie als economisch concurrentievermogen. Het bovengenoemde elektrificatieactieplan van de Europese Commissie weerspiegelt een groeiende erkenning dat toegang tot betaalbare, schone elektriciteit centraal zal staan in toekomstige industriële en economische groei. Ook al blijft de precieze route zich ontwikkelen, de richting lijkt duidelijk.
Aantrekkelijke achtergrond voor investeerders
Infrastructuur die de energietransitie ondersteunt — en de verschuiving naar meer elektrificatie — bevindt zich op het snijvlak van enkele van de krachtigste langetermijnthema’s die de wereldeconomie vormgeven: decarbonisatie, energiezekerheid, digitalisering en de modernisering van kritieke nationale infrastructuur. In tegenstelling tot sommige delen van de markt voor schone energie, die sterk kunnen worden beïnvloed door marktsentiment, worden veel infrastructuuractiva ondersteund door langlopende contractuele inkomsten en leveren zij essentiële diensten aan de bredere economie.
Dat is relevant in de huidige omgeving. Beleggers zijn steeds vaker op zoek naar kansen die zowel veerkracht als relevantie kunnen bieden; activa die gepositioneerd zijn om mogelijk te profiteren van groeiende langetermijnvraag en tegelijkertijd mogelijk kunnen bijdragen aan het aanpakken van maatschappelijke uitdagingen. In onze visie heeft infrastructuur die elektrificatie mogelijk maakt het potentieel om beide te doen.
Europa’s visie om het eerste elektrocontinent te worden is zonder twijfel ambitieus. Maar ambitie alleen garandeert geen resultaten. Elektrificatie op schaal vereist een infrastructuuruitbouw op een niveau dat (generaties) lang niet is gezien. De netwerken, opslagoplossingen, interconnectoren en ondersteunende systemen die de energietransitie dragen, zullen bepalen of Europa’s doelen werkelijkheid kunnen worden.
De vraag is niet langer of elektrificatie zal plaatsvinden. De vraag is of investeringen in de mogelijk makende infrastructuur gelijke tred kunnen houden. Voor beleidsmakers, bedrijven en beleggers kan dat wel eens de belangrijkste uitdaging — en kans — van het komende decennium blijken te zijn.
Lees meer over de infrastructuurstrategie van L&G.

Belangrijke risico's
De waarde van een belegging en eventuele inkomsten daaruit zijn niet gegarandeerd en kunnen zowel dalen als stijgen. Beleggers kunnen minder terugkrijgen dan het oorspronkelijk geïnvesteerde bedrag. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. De hierin opgenomen informatie is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen beleggingsadvies, aanbeveling of aanbod om effecten te kopen of te verkopen. De bovenstaande informatie wordt op algemene basis verstrekt en houdt geen rekening met de individuele omstandigheden van een belegger. Eventuele weergegeven opvattingen zijn die van L&G op de datum van publicatie. Niet bestemd voor verspreiding aan personen in rechtsgebieden waar een dergelijke verspreiding in strijd zou zijn met de lokale wet- of regelgeving.
Legal & General Investment Management Ltd. Geregistreerd in Engeland en Wales onder nummer 02091894. Statutaire zetel: One Coleman Street, London EC2R 5AA. Geautoriseerd en gereguleerd door de Financial Conduct Authority.
In de Europese Economische Ruimte (EER) wordt dit document uitgegeven door LGIM Managers (Europe) Limited, geautoriseerd en gereguleerd door de Central Bank of Ireland als beheermaatschappij van ICBE’s (overeenkomstig de European Communities (Undertakings for Collective Investment in Transferable Securities) Regulations 2011, zoals gewijzigd) en als beheerder van alternatieve beleggingsfondsen (overeenkomstig de European Union (Alternative Investment Fund Managers) Regulations 2013, zoals gewijzigd).
De statutaire zetel van LGIM Managers (Europe) Limited is gevestigd aan 70 Sir John Rogerson’s Quay, Dublin 2, Ierland. De onderneming is geregistreerd bij het Irish Companies Registration Office onder ondernemingsnummer 609677.